Categorie: Columns

Het kan wel! of niet dan?

Het kan wel! of niet dan?

We verliezen de realiteit uit het oog, dat is het grootste gevaar.

Met haar winst , geholpen door de media, zwaaiend met voorheen recht-nationalistische Nederlandse vlaggen, belooft D66 een einde te maken aan de zure-witte-mannen politiek van geblondeerde mannen en potige dames zonder inleving.
We gaan 10 steden bouwen, het kan wel!

Echter, al snel krabbelde men terug, de winst was immers behaald. Men weet dus, daar bij D66, en bij de andere partijen, dat dit soort beloftes niet waar gemaakt gaan worden. Ik zou zeggen, gelukkig, want zal Nederland na het oplossen van de woningnood een hemel op aarde worden?

De politiek van de grote vergezichten, de tomeloze ambities, van de altijd durende progressie en transitie, wat doet ze, als de realiteit een einde maakt aan deze ambities? Zal ze zich schikken, herschikken, of zal ze de realiteit afdwingen met censuur, verboden en vervolging? D66 leek in haar campagne te kiezen voor een gedeeltelijk ‘schikken’, en daarmee heeft ze het grote zwevende deel van de kiezers voor zich weten te winnen, de mensen van goede wil.

Immers, we voelen allemaal wel dat het langzaamaan mis gaat, maar de jarenlang smeercampagnes tegen elke vorm van oppositie vanuit de media en de instituties, ze weerhoudt mensen de consensus te bevragen, anders te kiezen, zich uit te spreken. D66 heeft daar knap op in gespeeld, en de onderbuik van de mens van goede wil weten aan te spreken. Eigenlijk een knap stukje populisme, deugpopulisme. De knappe jongeman die via positieve optredens de zorgen van mensen legitiem verklaarde, en ze daarmee binnenboord hield. Perfecte marketing op de massa!

D66 is al decennia een machtspartij, met vele tentakels in het maatschappelijk veld. Deze macht gaat ze niet zomaar opgeven. De vraag is, gaat ze opportunistisch, pragmatisch te werk, en gaat het roer langzaam om, of voelen ze zich nu oppermachtig, en gaat de beuk erin? Ik vrees voor het laatste, immers de tegenkrachten groeien even hard mee, ze hebben eigenlijk geen keus meer.

En als de realiteit toeslaat?  Wat dan?
Stel je eens voor, dat door onze oorlogs-mennerij, Rusland haar geduld verliest? Er treinladingen vol dode soldaten in ons land terugkeren? Stel je voor, dat onze voedselvoorziening echt begint te haperen door het weg saneren van boeren? Stel je voor dat er mensen sterven omdat de stroomvoorziening langere tijd faalt? Stel je voor dat de regenboogcult echt in botsing komt met de andere slachtoffergroep, de moslims? Stel je voor dat mensen door beginnen te krijgen dat hun pensioenen zijn omgezet in staatsobligaties? De Euro valt? Oversterfte? Stikstof? Dat de waarheid toch doorlekt?
De lijst van conflicten tussen idealen en de realiteit, de contradictie tussen idealen onderling, ze is haast eindeloos.

Gaan die problemen werkelijk opgelost worden? En kunnen problemen door de veroorzaker worden opgelost? En zijn deze problemen er om op te lossen, of zijn er binnen eigen gelederen ook belanghebbenden die die problemen liever behouden?
Immers met het stikstofprobleem kun je boeren onteigenen voor je 10 steden. Met de regenboogcult kun je conservatieve krachten via afleiding verzwakken of criminaliseren. Met je klimaatbeleid kun je de (Europese) staatskas vullen, de mensen binnen hun steden houden, uit de natuur weren, en heel veel geld verdienen met de transitie, terwijl dure energie de mensen afhankelijk maakt. Win-win-win. Met immigratie vervaagt de eenheid, verzwakt de samenhang in de samenleving, en verbloem je de krimp, vergrijzing, de economische neergang, immers we groeien. En ondertussen verdienen massa’s ambtenaren, instanties en bedrijven goud geld aan al deze transities en onoplosbare problemen. Zo vormen deze problemen en belangen één monsterverbond. Problemen die oplossingen waren voor andere problemen, soms compleet verzonnen, de modellen heilig gelovend. Zelfs al zijn de mensen van goede wil. De hypotheek moet ook betaald worden, de buren hebben ook zonnepanelen. Uitstappen kan eigenlijk niet meer.

Boek met de titel die de slogan van D66 werd. Het boek, aangeprezen door Jan Terlouw, de religieuze getinte ondertitel, en de auteur die zich ‘duurzaamheidsspecialist’ mag noemen geeft een kijkje in de droomwereld. Uiteindelijk blijken zelfs de meest seculiere mensen niet zonder te kunnen, de boom van het paradijs. En de consulenten, de adviseurs en de industrie, het kapitaal, allemaal surfen ze mee op de groene golfstroom. De wereld redden is echter niet het echte doel, zoals het Vaticaan de mensen de hemel beloofde, ging het uiteindelijk om de Sint Pieter, gewoon een bedompte hemel van steen.


Wat zal het worden? Zal het schip een beetje worden bijgestuurd? In de hoop dat we nog even door kunnen modderen?
Voorlopig blijft men wijzen naar de groei op rechts, en gaat men onverminderd door in de media over het vermeend fascisme dat daarin schuilt. Echter, het monsterverbond zoals hierboven beschreven, lijkt dat ook niet enigszins op dat f-woord? 10 steden bouwen, wie gaat de ‘Autobahn’ die daarbij hoort aanleggen? Staat, ideaal en kapitaal die elkaar vinden? De cult van één gedeelde waarheid. De controle-dwang, de censuur, de vervolging van ‘oproerkraaiers’. Fascisme begon met verbieden, was verkozen, en kwam vanuit de macht, niet vanuit de oppositie, het verzet.
Met een simplistisch vijandsbeeld van de rechtse fascist versus de mensen van goede wil, ontkent men niet alleen de realiteit, de waanzin die achter veel van de verhalen schuil gaat, ze schept daarmee ook een klimaat die nog wel eens veel gevaarlijker kan zijn dan het gevaar waar men op wijst..
Oplossen gaat D66 niks. En troost je, de PVV ook niet, het CDA niet, geen enkele partij. We hebben hier te maken met een onrust die de politiek ver overstijgt. Het zal spannend worden of D66 kiest voor de weg van machtsbehoud, polderen en de winkel draaiende houden, of dat ze op ramkoers gaat, ze haar mandaat overschat. De realiteit dringt zich hoe dan ook op.


In latere columns probeer ik, naar vermogen, mijn gedachten te verwoorden hoe we in deze situatie terecht zijn gekomen. Uitgaande dat mensen in principe van goede wil zijn, moet de ontsporing toch verklaard gaan worden, of deze nu op links of rechts zou plaatsvinden, het stelselmatig niet willen zoeken naar de kern van het probleem, het ordinaire zondebokken, is voor mij een bewijs dat het niet gaat om vooruitgang, om oplossen, er is meer aan de hand, er is paniek, en een diep verlangen, dat onderdruk je niet zo lang meer. De mens is weer op drift, het einde van de geschiedenis die we zo vurig verdedigden na de oorlog, en voltooid leek na de val van de muur, ze blijkt een sprookje. Coca Cola bracht het geluk niet. De dood van God niet de hemel op aarde.

2021 Het jaar dat alles stil leek te staan

Tijdens het maken van een filmpje over het jaar 2021 kwam ik beelden tegen van een demonstratie ten tijde van de coronamaatregelen. Een demonstratie waar ik nu waarschijnlijk niet meer naar toe zou gaan, want demonstraties worden altijd misbruikt, leren we de laatste jaren.
Nu de jaren verstrijken, de mensen het er niet meer over hebben, blijft het toch knagen, want je hebt geleerd, wat mensen waard zijn als het erop aankomt. En zij die vinden dat ik me aanstel, zij zijn het.



De volgende tekst maakte ik voor het filmpje:

2021 was het jaar dat alles stil leek te staan.

Corona was nog steeds gaande, en ondanks dat we inmiddels wel wisten dat het met de mortaliteit wel meeviel, werden de maatregelen steeds dreigender.3G, 2G, ineens ergens niet meer naar binnen mogen. Het werkte benauwend, niet zozeer omdat we bepaalde vrijheden kwijt waren, misschien voorgoed, maar omdat je op je klompen kon aanvoelen dat dit sentiment niet uit zichzelf zou stoppen. Mislukte maatregelen riepen nieuwe maatregelen op, die op haar beurt mislukten..
Gelukkig werden we ingehaald door de realiteit, omikron kwam, en ineens was de eens zo gevaarlijke ziekte haar betovering kwijt. En zo snel als de bijna psychotische angst op kwam, zo snel was ze ook weer weg. Soms zo snel, dat ik dacht, wacht eens mensen, je kunt nog steeds vervelend ziek worden, waarom zitten jullie nu met de deuren en ramen weer dicht met zijn allen te zingen in een zaaltje?

Mischien wachtte zowel de gewone mensen als de macht op dit groene licht van buiten, een signaal om te stoppen met het verhaal dat hoe dan ook zou doodlopen. Een signaal om zonder kleerscheuren uit het verhaal te kunnen stappen. Alsof een ruzie tussen twee kinderen werd gestopt door de leerkracht, en eigenlijk de 2 kinderen het wel fijn vonden dat iemand ingreep, omdat de strijd op niks zou uitlopen…

En daarna kwam dus ook het grote zwijgen, net als die keer dat je een verkeerde auto hebt aangeschaft, die ruil je, en daarna snel vergeten. Een gestopte ruzie, een gemaakte fout, je rakelt hem liever niet op. Allemaal heel logisch, begrijpelijk. Maar voor de mensen die zich zorgen maakten, die bang waren dat het verhaal wel eens ernstig had kunnen ontsporen, die aan den lijven hadden gevoeld wat het is om als paria gezien te worden, die vriendschappen hadden zien verdwijnen…Voor hen is het grote zwijgen pijnlijk, zeker wanneer men dan ook nog zegt ‘met de kennis van nu. ‘Vroeg of laat moet ook dit hoofdstuk met open vizier worden afgesloten, iedereen moet met de billen bloot.

De ‘wappies’ van toen zijn soms ook helemaal doorgeslagen, maar als we niet willen evalueren op deze en andere dossiers, dan zal de groep afhakers alleen maar groeien en ook radicaliseren, en op een gegeven moment ook grijpen naar de instrumenten van onmacht, zoals censuur, cancelen en wegwerken van ongewenste feiten. De waarheid staat niet vast, wanneer deze is verkozen, of gegoten is dogma’s. Instituties falen en corrumperen, en dat niet willen erkennen, is hen juist ondermijnen. Een waarheid afdwingen is vragen om leugens. Kritiek is niet ‘ondermijnen’, de ramen en deuren sluiten wel.

En daarmee raakt het gezag zoek, en juist dan slaan volksmenners toe.Niet de oproerkraaiers zelf ondermijnen de rechtsstaat, de democratie, ze is slechts een teken, de kanarie in de kolenmijn dat de rechtstaat en de democratie haar zelfreinigend vermogen is verloren.Het is zoeken naar de oorzaak van dat verval, alvorens de jacht te openen op de kanaries.
Het gezag terugwinnen door retrospectie, debat en openheid, niet door framing, censuur en geheimzinnigheid.

Maar ik weet wel waarom het nog niet zover is, de belangen die toen speelden, spelen namelijk nog steeds. Het verhaal is veranderd, misschien wat luchtiger, de processen gaan gewoon door, totdat de boel vastloopt, het elastiek breekt.

De Franciscuskerk 2004 – naamdag van de H.Franciscus

De Franciscuskerk 2004

Het verhaal van een kerk uit de jaren ’60. Een kerk als zovelen, en de meeste kerken uit die periode zijn inmiddels weer verdwenen. Ik maakte aan de hand van een DVD (van de laatste kerkdienst) een korte film over deze kerk, de geschiedenis, haar plek in de tijd. Een mooie bezigheid als je toch grieperig bent. Bij deze film schreef ik een tekst, die ik gedeeltelijk opgenomen heb in de film, de rest staat hieronder als column. Al jaren hou ik me bezig met de katholieke traditie, haar erfgoed, en de oorzaken van haar neergang. Een pasklaar antwoord heb ik niet, en daarmee is deze ‘overdenking’ verre van af.

De Franciscuskerk van Leeuwarden.


Ik woonde er flink wat jaren pal naast, in de voormalige pastorie van deze kerk. Zowel wijk als kerk zijn een product van haar tijd, de naoorlogse jaren.
We wereld was voorgoed veranderd, de gruwelen van de oorlog hadden afgerekend met oude idealen, en met het katholiek triomfalisme, zoals elke zuil had afgedaan. (Koningin Wilhelmina pleitte vurig voor nieuwe eenheid, opheffen van de zuilen, einde van de hokjes in 1939)
Een zweem van schuld kwam over Europa, en haar kerk, tegelijkertijd dacht men heel optimistisch dat het afrekenen met die tijd, de fundamenten van het geloof niet zouden aantasten. Echter onderhuids was de ontzuiling al langer gaande, en de secularisering nog langer.
Nieuwe kerken gaan we bouwen, we rekenen af met de neostijlen, met de zware bouw van het interbellum! Kerken van goedkope materialen. Hout, beton en bitumen! Kerken die licht zijn, een open houding hebben en uitstralen.
Kerken zonder opsmuk, geen romantische schoonheid. De Franciscuskerk was daar een voorbeeld van. De kerk kreeg, in de overgang van oud naar nieuw, nog wel alles mee wat bij een kerk hoorde. Een altaar, een tabernakel, klokken en een orgel, maar alles minimalistisch uitgevoerd. Ik moet zeggen dat de Franciscuskerk toch een aardig geheel vormde, mede door de natuurstenen wand, het altaar(kruis) en de toren in het water.
De kerk werd gebouwd uit een smalle beurs, van de buurt, door de buurt, de nieuwe katholieke inwoners. Een school, een pastorie en een kerk, een zuil in een moderne wijk. Men dacht echt iets nieuws te gaan bouwen en laten bloeien.


Alles ging echter anders.. de vernieuwing maakte niet alleen het oude instituut overbodig voor de moderne mens, ook haar geloof verdween. De wijk verkleurde, verpauperde. Hoewel ruim opgezet en groen, wilde de geïndividualiseerde mens niet langer opeengepakt wonen, en verdween ook de samenhang. Gezinnen vertrokken weer, namen de groeipotentie mee.
De eens enthousiast opgezette kerk en gemeenschap werd al snel een gestaag krimpende gemeenschap, een gemeenschap van een verloren geloof en een verloren tijd.
Het blijft mij verbazen, dat men nog tot eind jaren 60 zo naïef tegen het modernisme aankeek, tegen het oprukkende liberalisme, alsof het de kerk niet zou deren. Ondertussen ging men zaterdagavond vieren, en op zondag oppassen bij de kleinkinderen.
De kinderen komen niet meer, hoe kan dat toch? Het kind ging met het badwater weg. Was de kerk folklore van een vergane tijd, of was het meer, en het geloof, was dat eigenlijk ooit echt de kern van de parochie?

In de laatste viering zie je die worsteling met de tijd. Enerzijds terug verlangend naar de gemeenschap van weleer, maar niet willen kiezen voor het stevige fundament die dat vereist. Men maakt het vooral gezellig. Pastoor Kocken lijkt enigszins vragend te kijken richting pastor de Lange die de kinderen toespreekt terwijl ze met doosjes lopen te sjouwen. Bouwstenen voor een nieuwe tijd? Geloof je het zelf?
De koren zingen een pot-porie van liederen, de mensen bidden samen het tafelgebed, het allerheiligste moment uit de Eucharistieviering werd demonstratief ontheiligd. Allemaal begrijpelijk, alsof men boos was op zichzelf, of er eigenlijk zo een punt achter wilde zetten, nog één keer met je oude geliefde samen, maar wetende dat de oude sfeer niet meer terug kan komen.


Natuurlijk heeft zo’n kerk voor veel mensen veel betekend, daarover geen onvertogen woord, iedereen heeft in haar tijdsgewricht een rol, mijn kritiek is algemeen, niet persoonlijk naar de mensen die hun best doen en deden, alles kent zijn tijd, tenminste als je nog in het grote verhaal geloofd.
De kerk ging over naar de vergadering van gelovigen, een andere moderne kerk die met de tijdgeest worstelt, het geloof opnieuw probeert te vormen.

De parochie ging door met de Bonifatiuskerk en de Dominicuskerk, uitgerekend de 2 kerken van de neogotiek en het interbellum, wat wel wijst op een voorzichtige reflectie op het enthousiasme van de vernieuwingsdrang. Men koos toch voor behoud van het oude.
In de overgebleven kerken worstelt men verder, in de één zonder al teveel woorden en grote gebaren, in de ander met wat meer dikke woorden en grootse gebaren, maar de Geest is al lang vertrokken, die wacht in enkele volhouders en vooral via de nieuwkomers op nieuwe kansen.

De kerk dacht te kunnen overleven in het meegaan met de tijd, liberalisme, progressivisme. We gaan met zijn allen toch vooruit? Echter die waarden werden overgenomen door de staat, de instituten, de mensen die daarin geloofden hadden het instituut kerk niet meer nodig, zelfs als men God nog niet officieel buiten spel hadden gezet. En die staat, die verklaarde deze stroming tot de nieuwe staatsreligie, en is ze steeds minder tolerant richting andere stromingen en religieuze overtuigingen. Mensen die geloven in God, in een kerk, in werkelijke pluriformiteit van denken, deze mensen worden bestempeld als staatsgevaarlijk, ketters…
En deze nieuwe religie heeft haar eigen inquisiteurs, in de media, in de politiek, in de instituten.

De kerk blijft achter, terend op het rijke vermogen van weleer, totdat ook het voorraadje mensen op is. En nog steeds denken bisschoppen en vele voorgangers dat in de smaak vallen bij de staat je voordelen brengt, het geloof zelf vertrouwt men niet meer. In de coronatijd verdwenen zelfs de instellingswoorden achter een mondkapje, het allerheiligste achter een spatscherm. Gastvrijheid zonder grenzen, geen kaders, geen ankers, alles is fluïde. Saneren om maar te blijven werken in het systeem dat je genadeloos opvreet.

Echter de mens die kiest voor de radicale vrijheid van het christendom, van het leven onder een God, die heeft niets met de staat, ook niets tegen, maar weet dat de keizer niet meer toekomt dan wat hem toekomt..
Wil de kerk, het christendom in Europa nog enige betekenis herwinnen, dan zal ze tegen die totalitaire tendensen van de liberale tijdgeest in moeten ingaan. Niet zozeer met morele oordelen of uitsluiting, maar met een duidelijk verhaal, eentje van bevrijding, eentje van zingeving. Geen Jezus als Big-Mac van het goed voelen, of de wierook van de zelfverheerlijking, maar eentje van diep besef, dat de Schepper, het ‘allesomvattende’ zich niet laat vangen in simplisme en goedkoop sentimentalisme.
De mens die dat verhaal wil aannemen, gaat vanzelf op zoek naar de morele invulling en daar naar proberen te leven. De staat heeft daar niets van te duchten, mits ze haar grenzen kent. En juist daar schuurt het, de staat, of sterker nog, de macht daarachter, het systeem, is grenzeloos geworden, ze wil meer, is totalitair geworden.

Mee blijven gaan met de tijdgeest, de alsmaar doordenderende trein, is voor een kerk geen optie. Als de Aldi op de Albert Heijn gaat lijken, zal de Aldi verdwijnen. Zo simpel is het. De Franciscuskerk is eentje een een rij van velen die volgden en nog zullen volgen. Wijk en kerk laten zien dat de wereld nooit af is, en dat de arrogantie van die gedachte, dat we nu aan het eind van de geschiedenis zouden staan, eentje is die keihard in het gezicht ontploft.
Kortzichtig ook, al was het maar in de keuzes die men maakte tijdens de bouw. Amper 40 jaar later was het eigenlijk een bouwval, kerk én de wijk.

En nu? Geloven in een nieuwe wereld, omdat het verhaal niet af is. En indien je berust in wat ze1 ons wijsmaken, dan wacht het niets dat ze ons verkopen.

Reageren, vragen? Neem contact met me op per mail.

  1. ‘Ze’ is een verzamelbegrip voor het systeem, zonder dat ik er vanuit ga dat hier ook duidelijke actoren zijn, al zijn in mijn ogen veel mensen gecorrumpeerd, soms weten ze het, maar drukken het weg, soms weten ze het niet, en zijn oprecht ze gaan geloven in de leugens. Het systeem opereert uit zichzelf, de stromen lopen parallel en versterken elkaar, staat, bedrijven, kapitaal en macht hebben elkaar gevonden in de leugens, en die leugens kunnen ze alleen maar voortzetten, omdat ze niet meer terug kunnen. ↩︎

Bonifatiuskerk – de strijd…

Al geruime tijd zijn we bezig om deze kerk te redden van de ondergang. Niet de stenen staan op het spel, maar haar rol als kerk, voor de eredienst.
De parochie (het bestuur) wil eruit. En zoals dat tegenwoordig gaat, volgt de meute al snel de bureaucratie, want die weten immers waar ze mee bezig zijn. Expertocratie.
Echter ik geloof daar niet in, dat het bestuur het allemaal weet, ook experts en mensen met verantwoordelijkheid kunnen het mis hebben, of bang zijn voor wat hen zou kunnen bedreigen.
Persoonlijk kun je dat mensen niet zomaar kwalijk nemen, maar het is niet een reden om dan maar achterover te leunen, althans niet voor mij. Tijdens corona niet, en nu niet.
Mensen zullen me dan opruiend vinden, lastig, want ik verstoor de transitie die ze voor ogen hebben. Dat is dan jammer. Het is niet mijn bedoeling om ruzie te zoeken, ik cancel niemand, maar ik zwijg niet, ga niet mee in de verhalen die men aanhangt, zelfs al is het een meerderheid. Juist niet. Belangeloos is niemand, ook de zelfbenoemde experts niet.
Dat betekent niet, dat ik niet op zoek ben samen met anderen naar een duurzame oplossing voor deze kerk, niet alleen voor mezelf, maar ook als mogelijk voorbeeld voor andere plaatsen.

De gelovigen van de transitie zullen namelijk binnen 10 jaar opnieuw voor een dilemma staan als deze, en wat dan? Vele kerken gaan de komende 10 jaar dicht, en op vele plaatsen zal de overheid geconfronteerd worden met verval, juist op het moment dat de kolossale fouten uit het verleden van diezelfde overheid haar tol gaan eisen, de mislukte energietransitie, de de-industrialisatie, het oorlogsmennen, de zwendel met het bijdrukken van Euro’s, de inflatie, corona, de lijst van technocratische en bureaucratische missers is eindeloos. En op dat moment komt de samenleving met al haar kerken, al haar achterstallig onderhoud in het cement van de samenleving aankloppen bij de overheid. De overheid die alles regelde, en de mens lui maakte, de overheid die alle inventiviteit uit de mens geslagen heeft, de ondernemer, de boer, alles onder de vleugels van vadertje staat. De burger die mateloos lui is geworden, en bij elke tegenslag of probleem de overheid aanroept. En een een ieder die daar vragen bij stelt is een gevaar, welkom in de DDR…

Is in dat licht nog enige toekomst voor deze en andere kerken mogelijk? Ik weet het eerlijk gezegd niet, ik weet natuurlijk ook niks zeker. Tot die tijd houden we de moed er maar in, proberen we van alles, en ja, dan maak je wel eens brokken, of moet je soms water bij de wijn doen, met mensen meegaan die misschien anders denken maar een gedeeld belang hebben met je. Dat is natuurlijk geheel tegen de tijdgeest in, waarin mensen zich direct distantiëren van een ander als deze niet 100% meegaat in het geldende narratief. We leven in totalitaire tijden, en wie het ziet, ligt eruit.

Mijn droom: De Bonifatiuskerk als lichtend middelpunt in een gerevitaliseerde binnenstad waar mensen willen zijn en wonen, met een mooie tuin, met wat horeca o.i.d., een kerk die alle dagen openstaat. Waar in de zomer rust heerst, waar je binnen de vogels buiten hoort fluiten. Een plek waar gebeden kan worden, waar zo nu en dan ook gevierd of gerouwd kan worden. Een kerk die niet ‘rendabel’ hoeft te zijn. (maar dus een beroep doet op mensen die wel zelf de mouwen opstropen, letterlijk) Een kerk waar niet het evangelie van de staat wordt gepredikt, maar die kan zijn wat ze is, een vingerwijzing Gods, waar mensen zelf die God op hun wijze mogen invullen en vinden. Een kerk die gedragen wordt als een volkstuincomplex.. alles uit liefde voor de oogst.
En dat kan ook prima zonder parochie, zeker in de toekomst. Maar je hebt samen ook een verantwoordelijkheid na een ‘scheiding’ om dit een beetje subtiel aan te pakken. En wat je vooral nodig hebt, is een open blik, het loslaten van oud geloof, het onder ogen zien van de realiteit. Want de realiteit wint altijd. De winnaar van vandaag is de verliezer van morgen. En als het niet lukt, dan lukt het de volgende. Kathedralen bouw je niet in één generatie. De wereld is niet af, ook niet na de transitie.

Overigens, voor de Dominicuskerk geldt hetzelfde, ze is even waardevol, de realiteit komt daar ook vroeg of laat aan. Waan je niet veilig, omdat je toevallig hoort bij de meute, om maar even terug te grijpen op de DDR… 😉 Uiteindelijk komt iedereen voor de keus te staan, meegaan met de leugen, of de ongemakkelijke weg naar de waarheid zoeken, of verloren gaan.

Dominicuskerk met de paaswake 2025

Pasen 2025

Pasen vanuit de Dominicuskerk te Leeuwarden. Facebookbericht.

Dat het licht mag verspreiden in deze donkere tijden. Of stellen we ons aan, en is het gewoon tijd om het zwijgen te doorbreken?
Want hoe mooi ook, dit soort plaatjes, hoe diep gaat de overtuiging echt, kijken we gewoon naar een toneelstukje in pretpark Europa?
Hoe vaak zijn we niet ergens voor de plaatjes? Hoe vaak strijken we niet neer op een terras voor een gevoel van geluk? Ontvluchten we ons huis om de wereld dwangmatig te willen zien? Bang iets te missen, terwijl we niet weten wat?
Hebben we oog voor wat we zien, of zijn we slechts toeristen in ons eigen leven?
De wederopstanding van Christus is meer dan het verlengen van het feestje, meer dan een goed gevoel als antwoord op onze grote vragen, die we steeds minder stellen. Telkens met pasen komt God met deze brute actie op onze huid, en elke keer als Hij zich toont, werken we hem weg. Bange mensen, slapend op de olijfberg.
Gaan we achter de bar staan en aan de slag, of blijven we op de dansvloer totdat het licht aangaat? Ook ik durf weinig hoor.