Terwijl de wereld doordraait, en de mens het liefst doorslaapt legt de natuur een witte deken over alles. En dan ligt de wereld toch stil, onze wereld. Iedereen gek, iedereen naar de winkel! Noodpakketje, winterbanden! Het is mooi, die wereld. Toch sneeuwt het ook in de hoofden van de meeste mensen. De waarheid bedekt onder een witte deken. Men wil het niet weten, niet voelen, niet overwegen. Binnen blijven, bang om uit te glijden. Soms hoop ik vurig dat we dat noodpakketje een keer nodig hebben, en dat we dan eindelijk gaan zien, wie de stroom heeft uitgedraaid, als we het zaklampje op hen richten. Al vrees ik, dat diegene die het zaklampje aanreikt als het eerste de kou in wordt gestuurd. Kijken wat 2026 gaat brengen! Wakker worden mensen, de realiteit dringt zich op!
Op 3 januari organiseerde de Stichting Bonifatiustoren een open dag rondom de gebeurtenis die exact 50 jaar geleden terug gebeurde: De val van de torenspits. En hoe kwetsbaar ons erfgoed kan zijn, heeft de verschrikkelijke brand in de Vondelkerk van Amsterdam ons wel duidelijk gemaakt. En toch, daar gebeurde iets, enkele dagen na de brand zijn de handen al op elkaar, gelovig en ongelovig, rijk of arm, stedelijk of provinciaal: Die kerk blijft, en komt in volle glorie terug! Als iets bijna weg is, beseft men, iets dat helemaal weg is komt nooit meer terug. En in dat verhaal van de Vondelkerk, kunnen we meeliften: De Bonifatiuskerk behouden zoals ze is, voor wat ze is: een Godshuis. Hoe en voor hoe lang, dat kan niemand voorspellen. Maar elke gebeurtenis, elke steen, elk mens, ze heeft betekenis in dat grote verhaal, zelfs als het achteraf een intermezzo is gebleken, vormen ze samen de symfonie. De 3e januari maakt ook dit keer wat los, de aanloop was overweldigend! En misschien levert het niet direct keiharde euro’s op, ze heeft wel heel wat meer mensen deelgenoot gemaakt van het grote verhaal. De Bonifatius toonde maar weer eens, dat ze een levende getuige is. Misschien kwamen de mensen gewoon even alleen voor de toren, om de stad te zien, hun huis, maar vanuit het perspectief van de toren die gebouwd is als vingerwijzing Gods en als teken van onze gezamenlijke identiteit, of je het wil of niet, begrijpt of niet, vroeg of laat prikt die vinger (weer) in ons, en vraagt: ‘Waar was jij?’ Erfgoed, kunst, het behouden van de stenen, is ook het behouden van het verhaal, is onze identiteit, als tastbaar teken van wat God in ons is begonnen. Mensen die zeggen dat stenen er niet toe doen zijn dwazen, zelfs onder een brug slapen is er dan niet meer bij, een mens heeft nu eenmaal een lijf, leeft met materie. En Christus is Gods boodschap dat ons lijf er toe doet, dit is mijn lichaam. Materie en ziel zijn één, dus ook de kerk: Geloof in hout en steen. Een katholieke kerk is een als een verbinding tussen wat materie is, de stenen, en wat de hemel is. De Bonifatius is met al haar symboliek als muziek, ook zonder de noten te kennen, voel je dat het schoonheid is, de ziel omvat. Voel je het niet, dan gebruik je de verkeerde zintuigen, je bent materie en ziel aan het scheiden, en dan rest alleen leeg sentiment en politiek. Deze dag toonde maar eens aan dat het, hoe onzeker de toekomst ook is, het altijd loont te investeren in dat grote verhaal. Het moet ook, anders heeft de finale geen zin, is het slotakkoord alleen maar herrie.
De film is gemaakt voor de open dag. De beelden, merendeel stom (zonder geluid) zijn door mij van geluid voorzien, alsof je een soort hoorspel maakt. Erg leuk om te doen, en het brengt iets tot leven. Zo zie je, hoe alles overal in door werkt. Mensen kunnen niet zonder hun zintuigen, zoals God niet zonder ons kan.
December, de donkere maand, de overgebleven dagen. We vieren van alles, vernielen onze oogsten, verbrassen het. In deze maand keert het licht terug, in het nieuwe jaar krijgen we wederom de kans. Gaan we weer zaaien, want de zon keert altijd terug. En toch laten we ons wijsmaken dat de wereld vergaat. Hebben we dan niets geleerd met Kerst? Vieren we het leven, of vieren we de aankomende dood?
–December– Na de 12 maanden houden we nog wat dagen over- -Dagen van de nacht- -Dagen van stilte- -Dagen van verwachting- -Nachten van licht- -De zon is niet weg- -Maar de zon komt niet zomaar- -We zullen ons gereed moeten maken- -licht zien waar donker is- -maar ook donker zien waar we licht menen te herkennen- -en dan na die 12 dagen van de nacht – -mogen we het weer proberen–
Misschien wat zweverig, een heel andere stroming, maar haar verhaal bracht me wel tot deze gedachten. (vanaf ca. 8 minuten spreekt Mieke over de 12 overgebleven dagen, de 13 nachten.
‘Het woord is vlees noch vis geworden’ Zelfs onze feesten zijn politiek, zoals alles tegenwoordig.
Kerstnacht 2025, Bonifatiuskerk. De kerk zit nagenoeg vol. Wat de mensen er allemaal zoeken, wie zal het zeggen? De een gelooft in de komst van de Heiland en wil dat vieren, de ander zoekt misschien slechts een vorm van nostalgie, of zoekt misschien wel juist een nieuwe traditie en betekenis van het feest dat gereduceerd is tot winterfeest. Het winterfeest, ontdaan van haar betekenis, ontdaan van woorden die tot denken aanzetten, die je dwingen woorden betekenis te geven tussen de regels door. In die kerk zaten ze vast door elkaar, lege en vervulde mensen, mensen die zoeken, en mensen die menen gevonden te hebben. Er klinken woorden, veel woorden.
De laatste jaren leven we in een wereld waarin een strijd tegen taal gaande is. Hoe minder we nog met onze handen werken, hoe hoger we zijn opgeleid, hoe angstiger we zijn geworden voor hetgeen waarmee we werken: taal. Hoeveel woorden mogen we niet meer gebruiken? Het begon met ‘Negerzoen’ en ‘Zwarte Piet’. Maar als snel volgden woorden als ‘remigratie’ en ‘omvolking’. Woorden die op zichzelf geen morele waarde hebben in hun betekenis, laat staan een moreel oordeel, ze zijn blijkbaar gevaarlijk. Zelfs al noem je ze in context, het is verboden. En nu zijn woorden als ‘man’ en ‘vrouw’ hun objectieve waarheid kwijt. We moeten veranderen, woorden mogen alleen nog gebruikt worden in een politieke context waarin elke woord als het ware een voetnoot omhelst. Iemand die rechts stemt, is een fascist, maar men verzaakt een objectieve betekenis van het woord te formuleren. Waar duidelijkheid gewenst is laat men de voetnoot weg, zo win je altijd. Taal is net als de sekse, fluïde geworden. Woorden zijn niet het middel in een discussie, ze zijn het wapen. Is een gesprek voeren dan nog wel mogelijk?
Samen met deze woorden-oorlog komt de zelfcensuur. Langzaamaan zijn we zenuwachtig geworden van een woord als ‘Kerstmis’, want het suggereert dat je kerst viert in de traditionele vorm. En dan ben je als snel rechts, islamofoob, xenofoob, conservatief, of nog erger : christen. De commercie, die logischerwijs geen ellende wil in haar winkels, en de financiering wil waarborgen, ze gaat dan wel over op ‘Winterfeest’. Na zwarte Piet zal ook de kerststal spoedig nergens meer te zien zijn.. En zo dringt de politiek, samen met de mening van de massa, overal in door. Een monsterverbond tussen commercie, de politieke elite, de NGO’s, banken en media zorgt voor een stenen muur om de mening die we wel of niet mogen verkondigen. En of die mening totale waanzin weerspiegelt, het maakt niet veel meer uit. En woorden zijn de stenen van die muur. Die muren vormen een kerk, de kerk die altijd gelijk heeft.
En zo kan het zijn, dat lieve goedgelovige mensen, die mee hielpen bouwen van die muur, niet zien dat ze met die muur niet de ‘boze’ buiten hielden, maar binnen hielden. Zo ook de voorganger in de Bonifatiuskerk. De zo foute rechtse regering had ‘illegaliteit’ strafbaar willen stellen. Die arme asielzoekers krijgen zo niet de hulp die ze verdienen, geen kop soep meer. En wie is er nu tegen het helpen van vluchtelingen? Niemand toch, zeker wanneer je zelf de rekening niet betaalt. In Slappeterp is geen asielzoeker te vinden, lopen er geen onverlichte fietspaden, hoeven geen meisjes alleen te fietsen. En we hebben toch de Turkse Pizza, de macaroni en de Chinees te danken aan al die mensen van buiten? Allemaal waar, maar die Turkse Pizza kan alleen gebakken worden als er voor betaald wordt, en die asielzoeker eindeloos opvangen kan alleen als we onze huizen openstellen. Dat kan de keus zijn, grenzeloze barmhartigheid, maar zo’n keus moet je ook aan hen voorleggen die niet in Slappeterp of Bloemendaal wonen. Barmhartigheid zonder consequenties is als onze woorden zonder betekenis, onze economie zonder productie, onze transitie zonder backup, we doen maar wat, alles is alleen politiek. De politiek van het deugen in blind geloof dat alles wel goed blijft gaan. De realiteit dwingen we af, net als het sluiten van kerken, we rekenen alles uit, en als de uitkomst niet bevalt, veranderen we gewoon de input. Dat de stroom uitvalt, Lisa niet meer leeft, jongeren geen kinderen meer krijgen, nergens kunnen wonen, en we zonder boeren honger veroorzaken elders in de wereld, vingers in de oren, en hard roepen: ‘Fascist!’ En woorden die geen betekenis krijgen, die verliezen al snel hun waarde. Dan bedenken we nieuwe woorden, nieuwe bezweringen om de pijnlijke waarheid buiten de deur te houden, dat je belazerd bent.
En in zo’n nacht kom je voor een andere boodschap in de kerk. De problemen van de wereld zijn niet voor ons alleen. En zo waren er meer, steeds meer mensen die de spiegels en rookgordijnen zien, en zich niet meer laten afserveren als ‘fout’ en ‘onbarmhartig’. Mensen die zoeken naar hoop, naar het radicale verhaal van het christendom, niet de voedselbank-variant. Het verhaal dat God die naar mensen zoekt, zijn Zoon stuurt, die laat zien dat de machthebbers van de wereld niets te vertellen hebben over de ziel van de mensen. Het christendom is geen politieke stroming, integendeel, ze doet niet eens een poging de macht omver te werpen. De keizer mag er zijn, maar niet in de kerk! Daarom mijn verlangen: Stop met het dienen van de keizer in je preken, want goed of slecht, het blijft een keizer. Preek over wat de mensenzoon ons bracht, en we vinden zelf de juiste balans wel tussen barmhartigheid en zelfbehoud, tussen wat ons toekomt en wat de keizer toekomt.
Mag je dan niet preken voor de barmhartigheid? Zeker wel, maar benoem dan ook dat de machthebbers van de wereld die barmhartigheid preken, geen recht van spreken hebben. Anders dien je ook het moorden in jouw naam, de slachtingen in Oekraïne, Syrië, Libië, Gaza, waar dan ook, de politiek die het woord democratie en vrijheid in één adem noemen met defensie, weerbaarheid en sneuvelbereidheid. Die machthebbers zijn veel erger, dan een onnozele kamer die een kopje soep wil verbieden.
Bij de uitgang geen handen, want de super-griep gaat rond. Ik heb geen hand gehad, maar zit nu toch ziek thuis.
Waarom maak ik me zo druk? Geen idee soms. Het zou zo makkelijk zijn, gewoon lekker meezingen in het koor Maar het koor zingt vals. Of mijn oren deugen niet. Waar. Maar het kan natuurlijk ook zo zijn Dat zij wel vals zingen, en mijn oren vernielen. Zingen zij voor de luisteraar? Voor de dirigent? Voor de eer? Voor God wellicht?
*
De taal van het lied zegt eigenlijk alles:
‘Glorie aan God in den hoge en vrede op aarde aan de mensen van goede wil’
In die liederen geen woord over de staat, de politiek, de ‘goede wil’ is universeel, katholiek. Ze toeschrijven aan één mening is vragen om stampende laarzen, bruin of groen. Woorden doen er weer toe, ze is vleesgeworden! Probeer ze niet vegetarisch te maken!
Vanochtend een dienst gespeeld in de Dominicuskerk. Woord- en communieviering, een kwart gevulde kerk terwijl het buiten guur en koud is, is het binnen goed te doen. Gas doet wonderen! Christus, de koning. ‘We zoeken sterke leiders’; was het openingswoord, maar welk koningschap zoeken we eigenlijk?
In de preek werd het kinderlijke beeld van een koning geschetst, van kinderen die het voor het zeggen hebben, niet meer naar bed gaan, pizza eten en altijd mogen gamen. De ‘baas zijn’ zonder enige verantwoordelijkheid naar jezelf of de ander. Heerlijk, voor even.
Dominicuskerk Leeuwarden, Paasnacht 2025
Christus Koning voor de Bonifatiuskerk, 2005.
Natuurlijk hebben we die koningen niet nodig. Een goede koning weet wat zijn onderdanen nodig hebben en behoudt de eenheid, grijpt in waar nodig. Niet normaal maken wat niet normaal is, zullen we maar zeggen.
Christus’ koningschap is natuurlijk niet eentje van deze wereld, en bij de instelling van het feest was het ook een doel van de kerk om de wereldse, seculiere en atheïstische ideologieën tegen te gaan. Men voelde wel aan wat de Eerste Wereldoorlog had gedaan, wat de 2e zou gaan doen, en wat de opkomst van het communisme voor gevaren bracht. Een feest tegen de oorlog, tegen de vernietiging van de leer, tegen de nieuwe niet-gezalfde koningen van deze wereld.
Heel toevallig zijn er protesten in de VS met de ondertitel ‘No kings’, die voor het vermeende aristocratische gedrag van Trump willen waarschuwen. Maar in deze tijd lijkt alles omgekeerd. Oorlog is vrede, en zij die de oorlog willen stoppen, zij worden aangevallen, en zij die de oorlog aanzwengelen worden gezien als de fatsoenlijke keuze.
De moderne koningen, de koningen van macht, geld, corruptie en gouden wc-potten, ze bestieren alles. Maar zonder de Goddelijke zegen, bezegeling. Die zegel was geen garantie voor goed koningschap, maar wel een teken dat een koning bijna Goddelijke macht heeft, en dus op zijn tellen moet passen.
Christus Koning met nationalistisch tintje. Op de achtergrond de Bonifatiustoren in restauratie. (2006)
De pastor van vanochtend sloot de preek af met een oproep tot eenheid, het samen doen. Mensen die protesteren, verstoren de eenheid. Je wil toch het beste? Waarom doe je dan zo moeilijk? Dit is niet de manier. De vileine juf die Pietje ten overstaan van de hele klas in de hoek zet. Zij die via de moderne kanalen oproepen tot protest omtrent de kerksluitingen, ze verstoren de les.
En ik was o.a. zo’n Pietje die de moed had te blijven peuteren (samen met anderen) aan de consensus van de koningen in Groningen en Leeuwarden. Zalvende woorden, oproepen tot eenheid, het kwam neer op: ‘Je bek houden en meedoen.’
En ze heeft gelijk, zo zit de R.K. kerk in elkaar, er is geen sprake van democratie. Echt koningschap dus! Jammer dat ze dat er niet bij zegt, dat het pure machtspolitiek is, inclusief misleiding, propaganda en leugens. Dat is heel normaal, doet iedereen, links, rechts, voor en tegenstanders, maar wees daarover eerlijk. Wereldse macht over geld en stenen is altijd vuile handen maken, het is de kunst dat zo te doen, dat mensen het toch accepteren. Echter werkt dat alleen, als de doelstelling zuiver is, overdacht, en bezield. En daar schort het aan, en dan krijg je gerommel, gedonder in de klas.
Immers, een goede koning weet wat zijn onderdanen nodig hebben, voedt hen, maar denkt ook voorbij de eerstvolgende veldslag en weet protesten te voorkomen. Ook niet-democratieën kunnen best mooie, vreedzame plekken zijn. Het oude Europa, vol van veldslagen en vervolgingen, was ook vele eeuwen een plek waar kathedralen verrezen, wetenschap tot bloei kwam, waar tussen volk en macht een redelijk evenwicht was.
En waarmee worden wij eigenlijk gevoed? Wat heeft de kerk ons nog te vertellen? Nu de paus overgaat tot het zegenen van ijs, kerken liever geld investeren in zonnepanelen dan in orgels of de stenen onder het dak? Dat solidariteit betekent dat je de ogen sluit voor de onrust die onbegrensde solidariteit met zich meebrengt? Wat is dan eigenlijk de boodschap? En waarin verschilt deze van de aardse koningen?
De vlaggen van de laatste mode wapperen voor de kerkportalen: Oekraïne, regenboog, en straks delen ze wellicht noodpakketten uit…. We horen verkapte stemadviezen in de preken, de vileine sneren tegen mensen die anders denken dan de consensus van de staat. Is dat wat we nodig hebben? Voor welke koning preek je dan? Is de kerk bewust nog bezig met haar strijd tegen het laïcisme en het atheïsme? Of kiest ze met haar brave zalvende voorgangers eigenlijk voor het wereldse koningschap? En zo ja, waarom is ze er dan nog?
Heeft ze wel door dat de laatste keurige gelovigen weglekken naar het seculiere alternatief, dat de mensen die nu zeker de helft van de kerkbanken vullen hunkeren naar nieuw koningschap? Eentje van buiten de wereld? Eentje die zich buigt over het zielenheil, niet over de zondige bijzaken van klimaat, politiek en ander moralistisch geneuzel? Niet eentje van de wereld, maar van daarboven, hier hebben we onze handen al vol aan de Trumps en Jetten’s van deze wereld.
En zo klonken de zalvende woorden van ‘samen en verzoening’, van het ‘moeten afscheid nemen’ omdat de technocratie nu eenmaal heeft besloten, ze klonken heel vilein. Intimiderend wellicht, of niet dan?
Het valt best te verwerken, uitgekotst worden went wel, alleen waar is de koninklijke verantwoordelijkheid om de achterblijvers te helpen? Wat houdt dat samen eigenlijk in? Was gewoon eens een keer komen kijken bij het orgel, eens komen kijken bij de kerkwachten, de kosters, de mensen die de handen laten wapperen, jouw salaris bij elkaar sprokkelen. Niet alleen als de uren op papier staan, gewoon echt, als een koning, niet als een bestuurder.
Dat koningschap, is inderdaad alleen bij Christus te vinden. En zo zijn ook mijn woorden heel vilein. Sorry. Denk eens wat langer na, voorbij je gelijk, je vermeende kennis, je deugvinkjes, besef van welke machine je onderdeel bent, wie je eigenlijk aan het redden bent.
Wat ik wil? Een toekomst voor de Bonifatiuskerk in de stad Leeuwarden, eentje die over de grenzen van het kneuterige parochieleven heengaan. Kneuterig is heel fijn, als het even kan, behouden, begrijp me niet verkeerd, maar voor de toekomst van de boodschap moeten we ook nadenken over de getuigen in hout en steen. Parochiezaaltjes verspreiden de boodschap niet, en de mensen durven het ook niet meer. We hebben een grotere taak, samen, en daarom blijf ik, als opruier, me inzetten. Beetje stalletjes omver werpen in de tempel.. de tempel die teveel met de wereld bezig is.